Restauratiewerkzaamheden en archeologie
Restauratiewerkzaamheden
Onder leiding van de hoofdarchitect van de Dienst Historische Werken worden er elk jaar restauratiewerkzaamheden uitgevoerd aan het kasteel van Chambord .Sinds de XVIIde eeuw vinden al gedocumenteerde restauratiewerkzaamheden plaats, bijvoorbeeld om problemen met de regenwaterafvoer op de terrassen te verhelpen, evenals de infiltraties in de gebeeldhouwde gewelven van de tweede verdieping die vanaf 1566 vastgesteld werden! Met de afdichtingswerkzaamheden aan de terrassen om ook de gewelven te redden, is pas in 2005 begonnen. Deze werkzaamheden zijn in 2009 nog steeds aan de gang. Elk jaar wordt een deel gerestaureerd zodat een bezoek in de best mogelijke omstandigheden kan verlopen.
Van 1999-2004 kon men, door de inrichting van nieuwe ruimten voor de entree en de verkoop, de lage vleugel van de kasteelingang in zijn oorspronkelijk staat herstellen. In de loop van de jaren ’90 moest men overgaan tot de herstelling van de kroonlijsten van de donjon die de balustrade van de terrassen droeg, evenals van de steunbogen en lantaarn aan de top.
Verder in het verleden en vooral in de naoorlogse periode van 1945 tot 1960 stonden zeer dringende reddingswerkzaamheden op het programma om de teloorgang van bepaalde delen te voorkomen en de entree voor het publiek in de best mogelijke omstandigheden te laten plaatsvinden; het gewelf dat naar beneden dreigde te komen en de afwezigheid van een dak op een kwartier van de donjon ten gevolge van een brand werden verholpen. Waarna onder andere de herstelling van de vloeren, het houtwerk en de hogere gedeelten aan de beurt was.
Momenteel wordt de restauratie van de grote trap met dubbele omwentelingen uitgevoerd, die tegen 2011 afgerond zou moeten zijn. Deze restauratie wordt voor het eerst gefinancierd door het mecenaat van de onderneming Lefèvre die Chambord sinds 1947 restaureert.
Het archeologische programma
Door het ontbreken van archieven die grotendeels tijdens de XVIIIde eeuw verloren gegaan zijn, toen ze van de rekenkamer van Blois naar die van Parijs overgebracht werden, is weinig bekend over de geschiedenis van de werf van Chambord. Hierdoor blijft alleen het gebouw zelf als monumentaal archief over met alle voorbehoud voor mogelijke interpretaties die men hierbij moet maken.
De ontdekking van de latrinesloot van de donjon in 1994 en het onderzoek dat erop volgde, zorgden voor een nieuwe interpretatiewijze van de eerste werkzaamheden die vanaf 1519, de datum van de werfopening onder Frans I, uitgevoerd werden. In 1997 werd een archeologisch programma opgestart dat gesteund werd door de Association des Amis de Chambord om het mysterie te ontrafelen van een eerste ontwerp van het originele plan, waarvan de koning uiteindelijk afzag ten voordele van een ander plan. De vele aardewerkscherven die er ontdekt werden, worden tot op de dag van vandaag met engelengeduld weer in elkaar gepast: ze zijn een belangrijke getuigenis van de tafelkunsten en onthullen het dagelijkse leven in de keukens van de XVIIIde eeuw. Tegelijkertijd gaf elke interventie in de vloer van het gebouw aanleiding tot zogeheten preventieve graafwerken onder leiding van de archeologen van INRAP. Dit was ook het geval bij de afgraving van de lage entreevleugel en de drainering en bestrating van het kasteelplein in 2006-2007. Er werd een deel van de gemetselde basis van de donjon vrijgemaakt om het mogelijke bestaan van paalfunderingen na te gaan: het bleek dat er gebouwd werd op de overblijfselen van een middeleeuwse toren die zorgvuldig vlakgemaakt was en waarop nu een deel van het moderne kasteel steunt. Het bestaan van paalfunderingen wordt niet in vraag gesteld, maar moet verder onderzocht worden. De opgraving van latrinesloten ten noorden van de donjon staat op het programma voor de zomer van 2008.
